Patriarchale oogkleppen en Alzheimer: ‘Voor God en geld’ stelt ten diepste teleur

Kritische reflectie over ‘Voor God en geld’ – Caermersklooster Gent:

De tentoonstelling pretendeert een overzicht te geven van de Middeleeuwse mens tot de periode van de Franse Revolutie, als invloedsbron op het Vlaanderen van vandaag. Het geheel presenteert zich d.m.v. verschillende thema’s zoals ‘religie’, ‘economie’,…

De inhoud en presentatie schieten echter schromelijk en onintelligent tekort: de tentoonstelling schetst een verhaal vanuit een patriarchaal standpunt, zijnde de man als mens en norm en een foutieve en ondoordachte opvatting over feminisme.

  • in het gedeelte over de Middeleeuwse stad en economie gaat het over ‘boerenzonen die naar de stad trokken en een handel opstarten’: op de schilderijen merken we duidelijk vrouwen die handel drijven (koopvrouwen), zowel alleen als met een man aan hun zijde. Hieruit blijkt een tekortschietende tekst/audiogids in vergelijking met de schilderwerken.
  • het religieuze gedeelte spreekt over ‘heiligen’ en haalt Blasius aan, terwijl de audiogids en tekst van het triptiekgedeelte de heilige Catharina, één der ‘topheiligen’ in de Middeleeuwen, negeert. Waarom mocht Catharina, intelligent en wijs, niet aan bod komen?
  • de burger blijkt enkel een man te zijn die ‘zijn zuurverdiende centen spendeert aan de meisjes van plezier’: de helft van de mensheid wordt niet vernoemd
  • de van oorsprong mystieke beweging bij uitstek die in de Middeleeuwen werd neergezet en maar liefst 800 jaar heeft bestaan en heden nog getuigt via de prachtige, UNESCO-erkende hoven, de begijnen, blinken hier in afwezigheid!
  • twee portretten, geschilderd door Pieter Pietersz, geven een man weer die vrouwentaken uitvoert, zijnde o.a. spinnen. De audiogids vertelt me dat dit ‘spotten met mannen’ iets is voor ‘feministen allerhande, verenig u!’ Het opzoekwerk over feminisme schiet hier ernstig tekort: feminisme gaat over (toegang tot) gelijke machtsverdeling en rechten, niet over spot. De tijdsperiode van deze werken kenmerkt zich trouwen door spot van vele zaken en mensen, niet uitsluitend van mannen.
  • Huts, sponsor van deze tentoonstelling, vind in het naaktschilderij van Dame Fortuna (en vinden we er niet veel Venus-elementen in terug?) de tentoonstelling terug: de patriarchale, oneerbiedige toon geeft het startpunt aan. Teleurstellend dat prof. Van Cauteren haar eigen soortgenoten in de Middeleeuwen en deze van ‘nu’ met grandeur in de steek laat.

De mannelijke ‘god en geld’ viert hier hoogtij, net als oppervlakkigheid en patriarchale geschiedenis waarin de vrouw en haar bijdragen ‘vergeten’ worden…

© Debby Van Linden

 

De patriarchale mist rondom Maria Magdalena

‘Het is me duidelijk dat je dwars doorheen de onzin en vijandigheid die het denken en schrijven over Maria Magdalena kenmerkt, heen moet ploegen om een paar beelden, scherven en fragmenten te vinden die in de troep glinsterend oplichten.’

Mary Gordon

Ze is dé vrouw die doorheen de eeuwen in verschillende hokjes werd gestopt, qua betekenissen en invullingen werd gemanipuleerd en misbruikt: geëtiketteerd als hoer, muze, godin, predikster, mevrouw jezus, boetvaardige zondares,..Sinds de ‘Da Vinci code’ in boek- en filmvorm uitkwam, werd ze daarbovenop tot ‘de graal’, zijnde babymachine, gebombardeerd. Maria Magdalena werd ‘business’: de verkoop van boeken, het toerisme rondom pelgrimstochten in de Franse streken zoals Vézelay,… brachten veel geld in het laatje. Ze is vooral de vrouw die we willen dat ze is… Maar kunnen we een vrouw, en dan specifiek zij, doorheen onze aangeleerde ideeën ook als onafhankelijke entiteit zien? 

In handen van mannen

Paus Gregorius I besliste, niet lang na de benoeming van het christendom als staatsgodsdienst, Maria Magdalena tot boetvaardige hoer te verklaren en te stellen dat jezus bij haar zeven demonen had uitgedreven. Dertien eeuwen later, in 1969, wordt dit etiket op hetzelfde niveau als ‘niet waar’ verklaard. Wie Maria Magdalena dan wél was, wordt niet gezegd: haar identiteit wordt niet prijsgegeven. Ondertussen is het beeld van Maria Magdalena als ‘zondares’ wél in ons collectieve herinnering geplaatst en zien we op schilderijen deze vrouw op haar knieën voor de man, haar patriarchale plaats. In de ‘Da Vinci code’ draait het verhaal om deze vrouw als ‘de graal’: zouden er afstammelingen van jezus bestaan? Deze vraag als leidraad reduceert haar tot ‘mevrouw jezus’, opnieuw een identiteit die gebonden wordt aan een man, opnieuw wordt een vrouw gebruikt om stil te staan bij een man. Blijkbaar zijn het zijn kind(eren) die tellen, niet ‘haar’ en niet ‘hun’ kind(eren)…

mm.jpg

Let’s turn the tables…*

Het verhaal van de schepping waarop de kerk zich baseert vat zich kort samen: de vrouw is verantwoordelijk voor de zonde die we allen dragen, zij wordt als ‘slecht’, ‘minderwaardig’ en ‘schuldig’ gelabeld en dus noodzakelijk ‘onder controle van mannelijk gezag’ geplaatst. Dé ultieme verlosser, in de vorm van een man als autoriteit, duikt echter op en stierf in naam van al onze zonden als mensheid. Hiervoor wordt wél eeuwige dankbaarheid, aanbidding en blindheid naar dogma’s, verhalen in een boek als ‘onaantastbaar’ beschouwende en ‘respect’ naar posities verwacht. Stel dat er geen zonde bestaat? Stel dat de vrouw niet als ‘zondig’ gelabeld wordt? Dan hebben we ook geen ‘verlosser’ nodig, geen instituut dat zich hierop baseert, geen ‘duivels’ en ook geen ‘ketters’, geen absurde constructie van Maria als dienende moeder (ontdaan van alle passie en seksualiteit), en geen beeld van Maria Magdalena als lege huls voor patriarchale opvulling…

Doorheen alle hypotheses die Maria Magdalena in de bijrol houden, plaats ik haar graag in de hoofdrol**, als vrouw met een eigen identiteit. Zij kende het ‘Al’, behield haar eigen naam (waar andere vrouwen in hun naam hun relatie met hun echtgenoot aanduiden), had kennis van gnosis en wijdde jezus in, één van haar trouwe volgelingen. Bij zijn inwijdingsprocessen begeleidde ze hem, was ze noodzakelijk aanwezig: een ritueel avondmaal als voorbode van het sterven van zijn ego, zijn ‘herrijzenis’ als stap naar een nieuwe inwijding,… Zij had kennis van seksualiteit: niet in de beperkte definitie van slechts genitale activiteit, wél van ‘hiëros gamos’, van ‘passie/leven, doodgaan en wederopstaan’: speelsheid, enthousiasme, verbindende en verdiepende stilte, van hartelijkheid, assertiviteit, heilige en kwade woede en verdriet uitende, authenticiteit dragende, … al dan niet met een (seksuele) partner. Samengevat: mens zijnde. Zij was één van de zovele priesteressen van de pré-christelijke samenleving: zij had geen boodschap aan de dualistische en hiërarchische opdeling ‘goede vrouw’ (echtgenote/gelabeld als ‘privé-bezit van man’) versus ‘slechte vrouw’ (prostituée/ gelabeld als ‘publiek bezit’), had haar eigen identiteit waarbij ze deze absurde opsplitsing achter zich liet.

Heb ik het bij het rechte eind? Niet noodzakelijk. Geef ik een nieuwe invulling? Mogelijk. Is dit mijn streven? Wederom ‘mogelijk’. Ik weet wel dat alles wat over vrouwen en hun levens verborgen wordt gehouden in de ‘grote stilte’ van de geschiedenis, wijst op een grote angst voor bewustwording van vrouwen: een vrouw die weigert ‘de Ander’ te zijn…

© Debby Van Linden

* Gebaseerd op Mary Daly’s stellingname dat patriarchale verhalen vaak  omkeringen zijn van het originele.

** Door dit te doen, loop ik grote kans het gedachtegoed  ‘mannenhaatster’, feminazi’, ‘u vind vrouwen beter dan mannen’, e.d. gelabeld te krijgen: invullingen op  basis van een cultureel denken dat een vrouw niet op zichzelf een identiteit kan hebben, enkel mannen hoofdrollen kunnen vervullen en een man onder leiding van een vrouw sowieso hiërarchie betekent met de man als onderdanige.

Bronnen:

Burnstein, D. Geheimen van Maria Magdalena. Servire, Den Haag, 1995.

Daly, M. Voorbij God de vader. De Horstink, Amersfoort, 1983.

Slavenburg, J. Het evangelie van Maria Magdalena. Ankh-Hermes bv, Deventer, 1995.

Van Dijk, D. Maria Magdalena, vrouw naast jezus. Christofoor, 2012.

Van Huffelen, C. Maria Magdalena en de schijn-heiligen. Bet-Huen, 2006.

Godellijk én vrouwelijk: Kali-Ma

Ze is schepster, behoedser en vernietiger; ze brengt een groot ego stevige klappen toe en neemt actief het heft in handen bij een onrechtvaardige situatie: Kali geeft de duidelijke boodschap ‘don’t mess with me!’

Haar verhaal

De ‘legende van Kali’ verschilt naargelang welke bron je raadpleegt. Sterk overeenkomende elementen zijn: tijdens een gevecht tussen goden en demonen, duikt op een cruciaal moment Kali op – een godin die krachtig en rigorieus de tegenstander uitschakelt en zorgt voor herstel.

Haar symbolen

kali

Kali-Ma wordt afgebeeld in het zwart of donkerblauw met een ketting van doodshoofden om haar hals, een zwaard in haar hand en een afgehakt hoofd in haar andere hand. Deze symbolen verwijzen in de Indische cultuur naar de relatie van Kali met het ego: zij zal onverbiddellijk je (ego) ‘onthoofden’ met het zwaard van kennis en verlichting. Dit proces heeft maar één doel: de dualiteit opheffen en vanuit het hart gaan leven. Kali laat zo zien dat uit het ‘zwarte’ steeds ‘nieuw licht’ geboren wordt.

Kali-Ma (h)erkennen en aanwenden

In onze Westerse cultuur zijn wij niet gewend aan een vrouwelijke godheid die fel en rigorieus ingrijpt: vrouwelijke heiligen beantwoorden vaak aan eigenschappen zoals ‘volgzaamheid’, ‘martelaarschap’ of ‘devote maagd’ – wat zegt dit over het vrouwbeeld in onze cultuur? Kali vormt, na een eerste schrikeffect, echter een verfrissende verschijning van vrouwenkracht: als een situatie met diplomatie en vriendelijke kordaatheid niet opgelost wordt, kan het deugd doen je kwaadheid te tonen, je stem door te drukken en je eisen op tafel te leggen. Eénzelfde kracht kan ook aangeboord worden om ‘foert!’ te zeggen tegen een voorstel dat men jou wil opdringen of in handen schuift. Kali-kracht komt ook tot uiting als we iets zeggen dat ‘er boenk op!’ is: we benoemen iets met een paar woorden en verwijzen onverbloemd naar de essentie van het probleem. Alhoewel dit confronterend kan zijn, haalt het langs de andere kant ook ‘de etter uit de wonde’ en kunnen we nadien met een frisse blik verdergaan. Kali is de ultieme evenwichtsbrenger: na een te warme dag, laat zij het donderen, bliksemen en regenen: de hitte wordt weggespoeld.

In onze Westerse cultuur leren wij vanuit ‘ons hoofd’ te leven, te presteren en vooral ‘succes’ te hebben. Kali-Ma zal een groot ego duidelijk maken dat dit geen gezonde situatie is: leren kiezen en ‘hoofd’, ‘hart’ en ‘buik’ integreren, zal ons eerder levensvoldoening brengen.

© Debby Van Linden

Bronnen:

‘De Godin’ door Shahrukh Husain

‘Het godinnenorakel’ door Amy Sophia Marashinsky