Herstorisch rolmodel: Maria van Alexandrië, ‘au bain Marie’ achterhaald – Herstorical role model: Mary of Alexandria: the story behind ‘au bain Marie’

(In English: scroll down, please.)

De kans is groot dat u tijdens deze feestdagenperiode de uitvinding van een een markante vrouw gebruikt: als u bijvoorbeeld uw chocolade voor een dessert à la ‘au bain marie’ smelt, hanteert u de alchemistische methode van Maria van Alexandrië. ‘In bad met Marie’ gaan zal vanaf nu niet meer hetzelfde zijn…

Herstorische achtergrond

Maria van Alexandrië, ook wel ‘Maria, de Jodin’ of ‘Maria, Profetessa’ genoemd, leefde rond de eeuwwisseling te Alexandrië – hét kenniscentrum* bij uitstek in deze tijdsperiode.

marie-la-Juive

Maria van Alexandrië toont haar uitvinding.

Maria was een intelligente vrouw met een passie voor chemie en alchemie** en een hart voor studie en wetenschap: zij ontdekte de methode om de temperatuur van vloeistoffen constant te houden tot net geen 100°C (‘au bain marie’), vond het destilleervat uit en construeerde het vervolgens én zette het terugvloeingsmechanisme voor de verdeling van metalen op poten.

three-armed-still-of-mary-the-jewess-cleaned

Het drie-armig destilleerproces van Maria.

Als geleerde zet Maria haar eigen Alchemistische School op te Alexandrië, doceert er en schrijft vervolgens haar uitvindingen en alchemistische conclusies neer. Eén van de bekendste teksten in dit boek genaamd ‘Maria Practica’ luidt ‘De dialoog tussen Maria en Aros over het magisterium van Hermes’.

En erna…

De teksten en uitvindingen van Maria worden na haar overlijden veelvuldig gebruikt als basis voor nieuwe ontdekkingen. De geleerde Arnaldus de Villa Nova (een 14e eeuwse arts, alchemist en filosoof) erkende haar techniek en introduceerde de benaming ‘au bain Marie’.

Maria van Alexandrië toont ons een voorbeeld van veelzijdige intelligentie op het vlak van de bestudering van MATERie, de ‘moeder van alle dingen’…

* In deze vroege tijdsperiode kregen wetenschappers volop kansen, ongeacht het geslacht.

**alchemie heeft, in onze dualistische maatschappij, twee betekenissen: enerzijds wetenschappelijk verwijst het naar ‘scheikunde: het bestuderen van de materie’ (een voorloper van chemie), anderzijds: op spiritueel gebied verwijst het naar het bestuderen van innerlijk processen, ook wel ‘gnosis’ (‘kennis van het Zelf’ genoemd). Ten tijde van Maria zou deze opsplitsing waarschijnlijk onbestaande zijn geweest: materie en geest werden als één gezien.

Bronnen:

Fransen, L. Het evangelie van Isis. Uitgeverij Ankh-Hermes bv, Deventer, 2007.

Shearer, B.S. Notable Women in the Psysical Sciences: A Biographical Dictionary. Greenwood Press, 1997.

Chances are big you’re using this Christmas holiday an invention of an intelligent lady: if you use chocolate for a dessert, melted the way ‘au bain Marie’ you’re using an alchemistic method found by Mary of Alexandrie. You’re bathing moment with Mary will never be the same…

Herstorical background

Mary of Alexandria, also known as ‘Mary, the Jewish’ or ‘Mary, Propfetess’, lives around the second century in Alexandria – thé center of knowledge* around that time.

marie-la-Juive

Maria van Alexandrië shows het invention

Maria was an intelligent woman with a pasion for chemistry and alchemy** and had a heart for study and science: she discoverd a method to keep the temperature of fluids on the same level, not reaching 100°C (‘au bain marie’), discovered the retord and constructed one.

three-armed-still-of-mary-the-jewess-cleaned

The three-armed destillation proces of Mary.

As a scientist she build her own school named Alchimistic School in Alexandria, gives lessons there and wrote her book called ‘Maria Practica’. The most famous text has the titel: The dialog between Mary and Aros about the magistrum of Hermes’.

And after…

After het dead, the texts and conclusions of Mary are used a basic ground for other research. It was Arnaldus de Villa Nova, a 14th century scientist specialised in alchemy, medicine and filosophy, who aknowleged her intelligence and introduced her chemist discovery as ‘a bain Marie’.

Mary of Alexandria shows us an example of broad intelligence on the science of MATter, ‘the mother of all things’…

* In  this early century in Alexandria scientist got lots of opportunities, their gender was of no importance for this work. 

**alchemy has, in our dualistic society, two meanings: first, if refers to ‘chemistry, the study of matter’, on the other hand if refers to a spiritual proces, also called ‘gnostic knowing’ (the knowlegde of the Self). During the timeframe Mary lived, this division was probably not (so) splitted.

Sources:

Fransen, L. Het evangelie van Isis. Uitgeverij Ankh-Hermes bv, Deventer, 2007.

Shearer, B.S. Notable Women in the Psysical Sciences: A Biographical Dictionary. Greenwood Press, 1997.

De patriarchale mist rondom Maria Magdalena

‘Het is me duidelijk dat je dwars doorheen de onzin en vijandigheid die het denken en schrijven over Maria Magdalena kenmerkt, heen moet ploegen om een paar beelden, scherven en fragmenten te vinden die in de troep glinsterend oplichten.’

Mary Gordon

Ze is dé vrouw die doorheen de eeuwen in verschillende hokjes werd gestopt, qua betekenissen en invullingen werd gemanipuleerd en misbruikt: geëtiketteerd als hoer, muze, godin, predikster, mevrouw jezus, boetvaardige zondares,..Sinds de ‘Da Vinci code’ in boek- en filmvorm uitkwam, werd ze daarbovenop tot ‘de graal’, zijnde babymachine, gebombardeerd. Maria Magdalena werd ‘business’: de verkoop van boeken, het toerisme rondom pelgrimstochten in de Franse streken zoals Vézelay,… brachten veel geld in het laatje. Ze is vooral de vrouw die we willen dat ze is… Maar kunnen we een vrouw, en dan specifiek zij, doorheen onze aangeleerde ideeën ook als onafhankelijke entiteit zien? 

In handen van mannen

Paus Gregorius I besliste, niet lang na de benoeming van het christendom als staatsgodsdienst, Maria Magdalena tot boetvaardige hoer te verklaren en te stellen dat jezus bij haar zeven demonen had uitgedreven. Dertien eeuwen later, in 1969, wordt dit etiket op hetzelfde niveau als ‘niet waar’ verklaard. Wie Maria Magdalena dan wél was, wordt niet gezegd: haar identiteit wordt niet prijsgegeven. Ondertussen is het beeld van Maria Magdalena als ‘zondares’ wél in ons collectieve herinnering geplaatst en zien we op schilderijen deze vrouw op haar knieën voor de man, haar patriarchale plaats. In de ‘Da Vinci code’ draait het verhaal om deze vrouw als ‘de graal’: zouden er afstammelingen van jezus bestaan? Deze vraag als leidraad reduceert haar tot ‘mevrouw jezus’, opnieuw een identiteit die gebonden wordt aan een man, opnieuw wordt een vrouw gebruikt om stil te staan bij een man. Blijkbaar zijn het zijn kind(eren) die tellen, niet ‘haar’ en niet ‘hun’ kind(eren)…

mm.jpg

Let’s turn the tables…*

Het verhaal van de schepping waarop de kerk zich baseert vat zich kort samen: de vrouw is verantwoordelijk voor de zonde die we allen dragen, zij wordt als ‘slecht’, ‘minderwaardig’ en ‘schuldig’ gelabeld en dus noodzakelijk ‘onder controle van mannelijk gezag’ geplaatst. Dé ultieme verlosser, in de vorm van een man als autoriteit, duikt echter op en stierf in naam van al onze zonden als mensheid. Hiervoor wordt wél eeuwige dankbaarheid, aanbidding en blindheid naar dogma’s, verhalen in een boek als ‘onaantastbaar’ beschouwende en ‘respect’ naar posities verwacht. Stel dat er geen zonde bestaat? Stel dat de vrouw niet als ‘zondig’ gelabeld wordt? Dan hebben we ook geen ‘verlosser’ nodig, geen instituut dat zich hierop baseert, geen ‘duivels’ en ook geen ‘ketters’, geen absurde constructie van Maria als dienende moeder (ontdaan van alle passie en seksualiteit), en geen beeld van Maria Magdalena als lege huls voor patriarchale opvulling…

Doorheen alle hypotheses die Maria Magdalena in de bijrol houden, plaats ik haar graag in de hoofdrol**, als vrouw met een eigen identiteit. Zij kende het ‘Al’, behield haar eigen naam (waar andere vrouwen in hun naam hun relatie met hun echtgenoot aanduiden), had kennis van gnosis en wijdde jezus in, één van haar trouwe volgelingen. Bij zijn inwijdingsprocessen begeleidde ze hem, was ze noodzakelijk aanwezig: een ritueel avondmaal als voorbode van het sterven van zijn ego, zijn ‘herrijzenis’ als stap naar een nieuwe inwijding,… Zij had kennis van seksualiteit: niet in de beperkte definitie van slechts genitale activiteit, wél van ‘hiëros gamos’, van ‘passie/leven, doodgaan en wederopstaan’: speelsheid, enthousiasme, verbindende en verdiepende stilte, van hartelijkheid, assertiviteit, heilige en kwade woede en verdriet uitende, authenticiteit dragende, … al dan niet met een (seksuele) partner. Samengevat: mens zijnde. Zij was één van de zovele priesteressen van de pré-christelijke samenleving: zij had geen boodschap aan de dualistische en hiërarchische opdeling ‘goede vrouw’ (echtgenote/gelabeld als ‘privé-bezit van man’) versus ‘slechte vrouw’ (prostituée/ gelabeld als ‘publiek bezit’), had haar eigen identiteit waarbij ze deze absurde opsplitsing achter zich liet.

Heb ik het bij het rechte eind? Niet noodzakelijk. Geef ik een nieuwe invulling? Mogelijk. Is dit mijn streven? Wederom ‘mogelijk’. Ik weet wel dat alles wat over vrouwen en hun levens verborgen wordt gehouden in de ‘grote stilte’ van de geschiedenis, wijst op een grote angst voor bewustwording van vrouwen: een vrouw die weigert ‘de Ander’ te zijn…

© Debby Van Linden

* Gebaseerd op Mary Daly’s stellingname dat patriarchale verhalen vaak  omkeringen zijn van het originele.

** Door dit te doen, loop ik grote kans het gedachtegoed  ‘mannenhaatster’, feminazi’, ‘u vind vrouwen beter dan mannen’, e.d. gelabeld te krijgen: invullingen op  basis van een cultureel denken dat een vrouw niet op zichzelf een identiteit kan hebben, enkel mannen hoofdrollen kunnen vervullen en een man onder leiding van een vrouw sowieso hiërarchie betekent met de man als onderdanige.

Bronnen:

Burnstein, D. Geheimen van Maria Magdalena. Servire, Den Haag, 1995.

Daly, M. Voorbij God de vader. De Horstink, Amersfoort, 1983.

Slavenburg, J. Het evangelie van Maria Magdalena. Ankh-Hermes bv, Deventer, 1995.

Van Dijk, D. Maria Magdalena, vrouw naast jezus. Christofoor, 2012.

Van Huffelen, C. Maria Magdalena en de schijn-heiligen. Bet-Huen, 2006.