Herstorisch rolmodel: Diotima van Mantinea (ca.400 v.C.)

Ze was priesteres, filosofe, onderwijzeres en hét grote voorbeeld en inspiratiebron van één van haar leerlingen: Socrates. Hij maakte dit duidelijk door te zeggen: ‘Alles wat ik weet, heb ik van Diotima geleerd.’ Haar geschiedenis werd weggegewist*, doch via de geschriften van Plato’s ‘Symposium’ over een dialoog van Socrates over de liefde vinden we haar terug: Diotima van Mantinea.

Diotima-large

Beeld van Diotima – universiteit van West-Australië door V. H. Wagler, een gift van prof. Whitfeld (1936).

Over de liefde

In ‘Symposium’ is Diotima de enige vrouw die deelneemt aan dit gesprek. Socrates erkent haar woorden en bevindingen, hij neemt de rol van ‘ontvanger’ aan en laat haar aan het woord.

diotima

Haar wijsheid over ‘de liefde’ – toepasbaar op alle soorten relaties – getuigt van ervaren, vrouwelijke kennis vanuit het hart**:

  • van liefde is sprake als de ander je geest en ziel inspireert en je zo aanzet naar het spirituele/’goddellijke’ – de andere persoon ‘verheft’ je
  • in de liefde willen we eerst de ander bezitten (de ander is ons object van verlangen) daar we een toestand van eeuwige gelukzaligeid willen
  • Diotima postuleert dat we, door ons te ontwikkelen, schoonheid/liefde gaan herkennen in verschillende zaken en mensen en zo leren los te komen van onze bezitsdrang, m.a.w. we gaan van Liefde houden en beseffen dat deze kracht overal voor ons zichtbaar kan zijn.

© Debby Van Linden

*Het bestaan van Diotima wordt betwist, doch Plato gebruikte meestal bestaande personen. Indien hij een fictieve persoon aanhaalde, verklaarde hij dit nader. Hierbij heb ik ervoor gekozen haar bestaansrecht te geven. 

**Gelijkaardige kennis vinden we terug in de werken van Sappho en de eerste tantraleerstellingen.

Dank aan A. Vallarsa om mij deze inspirerende vrouw te leren kennen.

Godellijk én vrouwelijk: Kali-Ma

Ze is schepster, behoedser en vernietiger; ze brengt een groot ego stevige klappen toe en neemt actief het heft in handen bij een onrechtvaardige situatie: Kali geeft de duidelijke boodschap ‘don’t mess with me!’

Haar verhaal

De ‘legende van Kali’ verschilt naargelang welke bron je raadpleegt. Sterk overeenkomende elementen zijn: tijdens een gevecht tussen goden en demonen, duikt op een cruciaal moment Kali op – een godin die krachtig en rigorieus de tegenstander uitschakelt en zorgt voor herstel.

Haar symbolen

kali

Kali-Ma wordt afgebeeld in het zwart of donkerblauw met een ketting van doodshoofden om haar hals, een zwaard in haar hand en een afgehakt hoofd in haar andere hand. Deze symbolen verwijzen in de Indische cultuur naar de relatie van Kali met het ego: zij zal onverbiddellijk je (ego) ‘onthoofden’ met het zwaard van kennis en verlichting. Dit proces heeft maar één doel: de dualiteit opheffen en vanuit het hart gaan leven. Kali laat zo zien dat uit het ‘zwarte’ steeds ‘nieuw licht’ geboren wordt.

Kali-Ma (h)erkennen en aanwenden

In onze Westerse cultuur zijn wij niet gewend aan een vrouwelijke godheid die fel en rigorieus ingrijpt: vrouwelijke heiligen beantwoorden vaak aan eigenschappen zoals ‘volgzaamheid’, ‘martelaarschap’ of ‘devote maagd’ – wat zegt dit over het vrouwbeeld in onze cultuur? Kali vormt, na een eerste schrikeffect, echter een verfrissende verschijning van vrouwenkracht: als een situatie met diplomatie en vriendelijke kordaatheid niet opgelost wordt, kan het deugd doen je kwaadheid te tonen, je stem door te drukken en je eisen op tafel te leggen. Eénzelfde kracht kan ook aangeboord worden om ‘foert!’ te zeggen tegen een voorstel dat men jou wil opdringen of in handen schuift. Kali-kracht komt ook tot uiting als we iets zeggen dat ‘er boenk op!’ is: we benoemen iets met een paar woorden en verwijzen onverbloemd naar de essentie van het probleem. Alhoewel dit confronterend kan zijn, haalt het langs de andere kant ook ‘de etter uit de wonde’ en kunnen we nadien met een frisse blik verdergaan. Kali is de ultieme evenwichtsbrenger: na een te warme dag, laat zij het donderen, bliksemen en regenen: de hitte wordt weggespoeld.

In onze Westerse cultuur leren wij vanuit ‘ons hoofd’ te leven, te presteren en vooral ‘succes’ te hebben. Kali-Ma zal een groot ego duidelijk maken dat dit geen gezonde situatie is: leren kiezen en ‘hoofd’, ‘hart’ en ‘buik’ integreren, zal ons eerder levensvoldoening brengen.

© Debby Van Linden

Bronnen:

‘De Godin’ door Shahrukh Husain

‘Het godinnenorakel’ door Amy Sophia Marashinsky

Herstorisch rolmodel: ‘Pippi Langkous’ – Astrid Lindgren

Op haar guitige, vrolijke en non-conformistische manier beleefde ze avonturen in haar Villa Kakelbond, het dorp of in Taka-Tuka land. Met haar paard ‘Witje’, haar aapje ‘meneer Nilsson’ en de buurkinderen Anika en Tommy ging ze kamperen, bakte ze koekjes (met het deeg op de vloer), schakelde ze boeven uit (als sterkste meisje van de wereld), praatte ze met haar overleden moeder in het bos, ging ze naar de kermis en vierde ze haar verjaardag op haar eigenzinnige manier.

pippipaard

Rolmodel Pippi

Pippi-langkous-kinderfilmpje-small

De gedubte TV-avonturen van Pippi waren een verademing in het aanbod van klassieke, brave ‘verhalen voor kinderen’ – en dan specifiek voor meisjes: hier stond een zelfstandige negenjarige centraal die de regels aan haar te grote (heksen)schoenen lapte. Pippi staat voor mij voor eigenwijze meisjeskracht – voor zowel de ‘kleine’ als ‘grote’- en voor het bewaren en uiten van ‘prettig gestoorde’ buien als remedie tegen al die ‘serieusheid’ in de wereld.

Astrid Lindgren (1907 – 2002)

Lindgren was van kleins af aan een ‘boekenbeest’ – ze las de bibliotheek bij elkaar- , tevens schreef ze in haar jeugd okkasioneel een verhaal voor de lokale krant. Ze begon pas ‘echt’ te schrijven toen haar zieke dochtertje om een verhaal vroeg over -ze floepte er iets uit- Pippi langkous: Lindgren verzon en vertelde en schreef als kado voor de tiende verjaardag van haar dochter Pippi’s verhalen neer… na een prijs te winnen met het manuscript, was ze officieel als schrijfster gelanceerd.

pippiboek

Na de avonturen van Pippi volgden nog een twintigtal boeken, telkens met één of twee ‘durvers’ (zowel meisjes als jongens) in de hoofdrol – bv. ‘Lotta uit de Kabaalstraat’ en ‘de gebroeders Leeuwenhart’. Deze vrouw behaalde talloze prijzen en bekroningen voor haar werk (o.a. de Zweedse staatsprijs voor literatuur).

Astrid Lindgren en Karin Nilsson : tijdens opnames betekende Lindgren's gezelschap veel voor 'Pippi'.

Astrid Lindgren en Karin Nilsson : tijdens opnames betekende Lindgren’s gezelschap veel voor ‘Pippi’.

Haar werken werden vertaald in meer dan 90 talen en in totaal zullen meer dan 100 miljoen exemplaren van haar hand de deur uitgaan. Lindgren stond bekend als ‘geen blad voor de mond nemende’, zowel in interviews, haar persoonlijke leven als haar werk als journaliste – zo was ze politiek actief in het opkomen voor kinderrechten en dierenwelzijn. Ze beschouwde kinderen als individuen die ook met thema’s zoals ‘verdriet’, ‘het kwaad’ en ‘de dood’ te maken krijgen en als zodanig daarover ook willen lezen. Ze deed de uitspraak te schrijven voor ‘het kind in haarzelf’. Lindgren’s originele manuscripten bevinden zich in de bibliotheek van Stockholm en werden in 2005 erkend als Werelderfgoed.

© Debby Van Linden

Bron: Lindgren, P. (2009). Pippi Langkous. Uitgeverij Ploegsma, Amsterdam.

http://www.astridlindgren.se

Ons herstorisch lichaam (5): de ‘bloody days’ als erf-goed*

Verder duikend in de boeken kwam ik een aantal wijze en verrassende zaken over menstruatiebloed en de cyclus tegen: mijn beeld van ‘evolutie’ veranderde en ik probeerde nieuwe bewoordingen uit…

De cyclus

– de menstruatiecyclus wordt ook wel ‘dans van het leven’ genoemd: geen ‘dans’, geen ‘leven’, geen evolutie (geen kinderen en ook geen genen om door te geven!).

– Onze cyclus uit zich als een teken van gezondheid daar wij veranderen en juist dit transformeren wijst op beweging en stroming. Starheid, vastzitten,… zijn tekens die wijzen op disharmonie.

– als vrouw scheppen wij zo’n 35 jaar van ons leven via één van de krachtigste ritmes: we laten onze ideeën rijpen (net als een eitje), laten los wat niet meer nodig is en vernieuwen (menstrueren). Kort gezegd: wij zijn alchemisten. Niet voor niets zijn de alchemistenkleuren: wit, rood en zwart – overeenkomende met de vrouwenfasen ‘meisje’, ‘moeder’ en ‘wijze vrouw’.

– menstrueren verbindt ons met andere vrouwen: na een kleine periode zullen samenlevende vrouwen gelijktijdig gaan menstrueren. Kortweg:wij zijn verbonden door middel van onze cyclus, wij zijn ‘bloed-verwanten’.

download

Ons bloed

– menstruatiebloed is rijk aan stikstof en mineralen: verdund met koud water is dit de ideale plantenvoeding! Vroeger werden menstruerende vrouwen het veld opgestuurd om al bloedend de aarde te voeden, zo was men zeker van een goede oogst.

– menstrueren noemen we in onze cultuur ‘ongesteld zijn’: ik beklemtoon eerder ‘welgesteld’ daar menstrueren een onmetelijke rijkdom in zich draagt: bloed is leven.

– mama’s bloed en slijm zijn één van de eerste geuren die we kennen: wanneer we geboren worden, zijn we bedekt met deze substanties. Tijdens onze groeiperiode in haar buik, voeden we ons met haar bloed – de ‘rode draad’ van het leven.

– de menarche vormt een belangrijke overgangsfase die in sprookjes haar plaats vind: die eerste bloeding is belangrijk en vormt de motivatie om een andere wereld te gaan verkennen-  het bloeden komt echter niet of onrechtstreeks aan bod in het verhaal- in ‘Roodkapje’ (‘met haar rode kap het bos ingaande’), ‘De kleine zeemeermin’ (zij duikt naar de ‘bovenwereld’ van mensen), ‘Alice in wonderland’ (Alice maakt kennis met de kracht van dromen) en ‘Doornroosje’ (zij prikt zich aan het spinnewiel, bloedt en valt in slaap).

– in haar transformatieprocesproces (met research en rondreizen) naar eerbetoon van menstruatiebloed en vrouwenkracht, maakte kunstenares Vanessa Tiegs onder de naam ‘Menstrala‘ 88 prachtige kunstwerken. Haar verf? Menstruatiebloed.

Tot slot…

Door intens te duiken in dit onderwerp, lostte langzaam een dikke mist van Westerse ideëen en verinnerlijkte socialisatie op. Een overgangsritueel als jong meisje of samenkomsten in de menstruatiehut had ik niet, wel kon ik mijn eigen proces en rituelen vorm geven, mijn herstorisch erfgoed eren…

*Momenteel zoek ik bronnen i.v.m. ‘de overgang’, indien u links/boeken/tips… hebt, nodig ik u vriendelijk uit deze te delen via mail.

© Debby Van Linden

Bronnen:

Volgende boeken gebruikte ik als naslagwerken. Het boek ‘Dochters van de maan’ vind ik qua kwaliteit, leesbaarheid en (h)erkenning betreffende menstruatie het best, ‘The wise wound’ is psychoanalytisch-wetenschappelijk, doch drukt het ongenoegen over het menstruatietaboe en het grote gebrek aan onderzoek gedurende lange tijd zeer goed uit.

Angier, N. (1999). De vrouw. Uitgeverij Prometheus, Amsterdam.

De Beauvoir, S. (2000) De tweede sekse (boek twee). Bijleveld, Utrecht.

Estes, Cl. P. (2000). De ontembare vrouw. Uitgeverij Altamira-Becht BV, Haarlem.

Hales, D. (2000). Vrouwbeeld. Uitgeverij De Kern, Baarn.

Hojer, D. en Gunilla, K. (2013) Het vrolijke vaginaboekje. Uitgeverij J.H. Gotmer, Haarlem.

Peters, A. (2004). Dochters van de maan. Uitgeverij Altamira-Becht BV, Haarlem.

Riedl, M. (2011) Ontdek de geheimen van vrouwelijke seksualiteit. Uitgeverij Synthese, Rotterdam.

Sterck, de, M. (2010) Bloei. Uitgeverij Meulenhoff en Marita de Sterck, Antwerpen.

Northrup, C. (2009). Vrouwenlichaam, vrouwenwijsheid. Uitgeverij Altamira-Becht BV, Haarlem.

Shuttle, P. en Redgrove, P. (1980) The wise wound. Penguin Books Ltd. , Middlesex (Engeland).

Versteeg, Y. en Kuipert, M. (2008). Hoera, ik ben ongesteld. Uitgeverij Hoera, Den Haag.

Wolf, N. (1997) Verwarrende tijden. De Boekerij bv, Amsterdam.

http://www.mum.org