Goddellijk én vrouwelijk: Baubo en de genezende schaterlach

U bent, vrouw zijnde, met één of meerdere vriendinnen bij elkaar op bezoek of samen erop uit en jullie delen een aantal verhalen over recente gebeurtenissen – over de thema’s ‘sexualiteit’, ‘mannen’ en/of ‘kinderen’. Op een bepaald moment proesten jullie het uit in een hilarische schaterbui van een aantal minuten. Even naar elkaar kijken geeft aanleiding tot een nieuwe, genotsvolle lachbui waarbij de tranen over jullie wangen rollen en minstens één van jullie de woorden ‘ik plas bijna in mijn broek’ laat vallen. Als de lachbui na een tijdje afgezwakt is, voel jullie de weldadige invloed ervan: de aanwezigheid van een warm geladen, levenslustig en vrolijk gevoel. Herkenbaar?

baubotekening

De godin Baubo verpersoonlijkt deze helende vrouwenkracht: we heffen symbolisch ‘onze rok’ op en vertellen onverbloemd onze ervaring. In een cultuur waar gevoelens delen als ‘zwak’ wordt aanzien en ons vertrouwen weleens geschonden werd, is het delen van onze meest persoonlijke verhalen niet altijd makkelijk. Als we toch ‘durven en doen’, merken we vaak een grote herkenbaarheid op van andere vrouwen, die op hun beurt aangestoken zijn en ook ‘hun rok’ optillen. Baubo verpersoonlijkt de helende kracht van gedeelde vrouwenverhalen waarbij het effect van een lachbui overeenkomt met het weldadige gevoel vlak na een orgasme. Bij beide staat onze yoni* centraal, de kern van ons vrouw-zijn. Baubo geeft ons onverbloemd vrouwelijk plezier, levenslust en de ongeremde lach, tevens ook de ‘gut feeling‘ – ook wel ‘intuïtie’ of ‘buikgevoel’ genoemd.

© Debby Van Linden

*De term ‘vagina’ wijst slechts op een deel van de vrouwelijke geslachtsorganen. Mijns inziens is de Indische benaming ‘yoni’, als woord voor het gehele gebied, mooier en toont het de respectvolle manier waarop deze (tantra)geschriften de vrouw en haar organen benaderen.

Bronnen: Cl.P.Estes: ‘De omtembare vrouw’. en Bolen J.Sh. ‘Godinnen in elke vrouw’.

Paus Johanna: een legende of ‘waar rook is, is vuur’?

‘Heeft ze bestaan?’ is een discussie waarbij zowel voor-als tegenstanders hun argumenten en bewijzen bovenhalen. Is een legende altijd op waargebeurde feiten gebaseerd?

pausinjohanna

tekening door Giovanni Boccaccio: omstreeks 1353 gemaakt.

Paus Johanna zou op de troon hebben gezeten in de jaren 854 tot 856 n.C. Wie de pauselijke chronieken erop naslaat vind over deze tijdsperiode twee verschillende versies: de ene vermeld dat in 855 Leo IV wordt opgevolgd door Benedictus III, de andere geeft weer dat tussen deze twee in paus Johannes VIII regeerde. Dit ‘verschil’ zou te wijten zijn aan het feit dat laatstgenoemde een als man verklede vrouw zou geweest zijn. Johanna nam vermoedelijk de identiteit van haar broer Johannes aan (die bij een oorlogsinval om het leven kwam), en kon zo Latijn, Grieks, wijsbegeerte en godsdienst studeren. De combinatie van haar grote kennis en wijze houding maakte dat ze relatief makkelijk opklom tot vertrouwenspersoon van paus Leo IV en hem, na zijn dood, opvolgde.

kapelpausjohanna

Oude kapel op de hoek van San Quattro Coronati – de plaats waar Johanna zou bevallen zijn.

Dé ‘fatale’ gebeurtenis van haar verhaal vind plaats op het moment dat een processie van het Vaticaan naar de kerk van Sint-Jan van Lateranen doorgaat: op de ‘Via Laterana’ – de verbindingsstraat tussen beide plaatsen –  zou zij weëen gehad hebben en ter plaatse een kind ter wereld hebben gebracht. Haar identiteit als vrouw* werd onmiddellijk prijsgegeven. Opmerkelijk is dat er zo’n zes eeuwen erna geen processies meer plaatsvinden via deze weg, pas in 1468 wordt deze straat voor dit doeleind weer in gebruik genomen. Vandaag treffen we er een kapelletje waar omwonenden en toeristen bloemen neerleggen, met binnenin een gravure van – wat lijkt – Maria met kind.

Een vrouw als paus: een strategie om – tijdens de periode van de reformatie – de kerk aan te vallen of weggewiste geschiedenis om ‘gevaarlijke’ vrouwen op hun plaats te houden? Of ligt er nog een andere reden ten gronde? Feit is dat er Donna Woolfolk Cross in 1996 een boek over Johanna schreef en in 2009 Sönke Wortmann een prachtige, drie uur durende herstorische verfilming uitbracht van haar leven.

*Vele vrouwen hebben, verkleed als man, veelvuldig bijgedragen tot de geschiedenis, doch erkenning voor hun heldhaftige daden is ver te zoeken. Maria van Antwerpen (1719-1781) bv. nam gedurende haar leven tweemaal een identiteit aan als man: als ‘Jan van Ant’ deed ze dienst als soldaat en als ‘Machiel van Hantwerpen’ deed ze weer legerdienst, o.a. in het garnizoen van Amsterdam.

Be a virgin: maagdelijkheid als kracht!

In onze cultuur kennen we Maria, moeder van jezus, als ‘altijd maagd’: de kerkvaders benadrukten hiermee de fysieke maagdelijkheid (‘virgo intacta’ of ‘kuisheid’) om haar ‘vrij van erfzonde’ en dus als seksloos wezen te verklaren. Deze gedachte, gegoten in een dogma, ankert een onbereikbaar, krachteloos en schizofreen ideaal voor vrouwen.

'The Virgin' door Joseph Stella (1926) - Brooklyn Museum

‘The Virgin’ door Joseph Stella (1926)
– Brooklyn Museum

Een diepe duik in de geschiedenis brengt echter andere informatie naar boven…

De oorsprong

Het Hebreeuwse, bijbelse woord ‘almah’ betekent ‘maagd’ met als definitie: ‘ongehuwde, autonome en onafhankelijke vrouw; zij die aan zichzelf toebehoort – en dit op alle vlakken‘. Later werd dit woord door de vroege christenen ‘vertaalt’ naar ‘een sexueel kuise vrouw’. Een maagdelijke vrouw werd vroeger als heilig beschouwd, daar zij over wijsheid en goddelijke krachten beschikte (‘virgin’ = zij die tot volledige zelfrealisatie is gekomen). In Griekse legenden – bv. Zeus – merken we helden en goden op die vanuit een maagd geboren zijn, waaraan zij hun goddelijke krachten verlenen.

De maagdelijke vrouw: fysiek, psychisch en seizoensgebonden

Vanuit de Keltische cultuur wordt een vrouwenleven ingedeeld in drie levensfasen: achtereenvolgens ‘maagd, moeder en wijze vrouw’*. De leeftijdsfase van 12 tot ongeveer 17 jaar vormt de typische lichamelijke ‘maagd-fase’ aangezien we als vrouw geen kind meer zijn, wel biologisch gezien aan het groeien zijn naar volledig vrouw-zijnde: onze borstgroei ontluikt, de eerste menstruatie kondigt zich aan, de heupen worden ronder,… Op psychisch vlak herkennen we de maagdelijkheidsfase elke keer we iets nieuws starten en vanuit een ‘niet-weten’ vertrekken: een nieuw idee, nieuwe relatie, aanvatting van een studie,… . In onze menstruatiecyclus hebben we maandelijks een aantal ‘maagdelijke’ dagen: de eerste vier tot zes dagen na het einde van een bloeding. Meestal voelen we ons energieker aangezien we aan de start staan van een nieuwe cyclus. Ook in de natuur merken we het maagdelijke seizoen in de lentemaanden maart en april: het prille groen schiet uit de rond, frisse voorjaarsbloemen komen ons tegemoet. Vanbinnen voelen we dit effect van ‘wedergeboorte’: we ‘worden wakker’, hebben nieuwe energie, bekijken de wereld iets rooskleuriger, gaan in de tuin werken, …

Reflectie als sleutel tot maagd-zijn

Als vrouw ‘aan jezelf toebehorende’, ongeacht of je een relatie en/of kinderen hebt, vraagt om regelmatige, maagdelijke verfrissing: ‘bij jezelf blijven‘ betekent af en toe tijd nemen om te vertragen, eens ‘niets’ te doen, niet zomaar alles klakkeloos aan te nemen, te durven zeggen ‘ik weet het (nog) niet’ als antwoord op een vraag, je intuïtie te volgen, eens eigenwijs(heid) ‘foert!’ te zeggen, jezelf een cursus/boek/verwenmoment kado te doen,… Welke wijze je ook verkiest, het doel is altijd ‘naar binnen gaan’, te reflecteren en vandaaruit weer, met frisse levenskracht, verder op pad te gaan.

© Debby Van Linden

*over de andere fasen -‘moeder’ en ‘wijze vrouw’ later meer.

Bronnen:

Notten, K. (2011). Maria’s dochter. Uitgeverij Ten Have.

Website: http://www.northernway.org/twm/mary/virgin.html

Julia Margaret Cameron (1815-1879): herstorisch rolmodel

In het Museum voor Schone Kunsten te Gent loopt momenteel de fototentoonstelling van pioneer-fotografe Julia Margaret Cameron. Deze vrouw was in de 19e eeuw bekend vanwege haar Victoriaanse, geromantiseerde en bewust wat wazig gemaakte stijl van fotograferen.

Cameron ging op onconventionele wijze te werk: ze liet mannelijke figuren door vrouwen verbeeldden. In ‘De engel aan het graf’ bijvoorbeeld, vanuit de Bijbel een man die aan het graf van Christus verscheen na zijn herrijzen, liet zij een vrouw in die rol poseren – gedurfd! Ze stelt met haar portretten van herstorische kennis te getuigen: ze plaatste haar vrienden, familie en huispersoneel voor haar camera als o.a. Sappho, Hypathia van Alexandrië en de Vestaalse maagden. Voorts brengt ze taferelen uit de Arthurlegende tot leven. Het massale portret van haar nicht Julia Jackson (moeder van Virginia Woolf) met vastberaden blik, hangende bij binnenkomst van de tentoonstelling, is er één van pure vrouwenkracht.

juliajackson

Portret van Julia Jackson door Cameron (1867) – kaartje, verkregen bij de balie van het MSK Gent.

Korte herstorische biografie

Cameron kreeg in 1863, 48 jaar oud zijnde, een kado van haar dochter: een fototoestel. Vanaf dan zal ze gepassioneerd en begeesterd werken aan composities en ideeën vastleggen. De beeldhouwer en schilder G.F. Watts zorgde in hun vriendschapsband voor ondersteuning en bracht inspiratie aan, wat zij enorm waardeerde. Behalve bevlogen, was Cameron ook slim: de rechten op haar foto’s liet ze vastleggen waardoor het grootste gedeelte van haar werk is bewaard gebleven. In haar netwerk bevonden zich talloze invloedrijke mensen: o.a. Marianne North, botanische schilderes en Charles Darwin, naturalist. Haar contact met Henry Cole, toenmalig directeur van het South Kensington Museum te Londen (nu het Victoria and Albert Museum), zorgde voor een expositie, bracht geld in het laatje en leidde tot een groter netwerk. Cameron heeft ongeveer 11 jaar gefotografeerd (wat redelijk kort is), doch met een bezieling die van haar werk afspat.

Haar tentoongesteld werk bezoeken was voor mij intens genieten van pure, herstorische kracht en bezieling! Ik wens u hetzelfde toe qua ervaring!

De expositie is tot 14 juni 2015 te bezoeken, alle info tref je hier aan.

Bron: bezoekersgids MSK Gent en eigen notities, tentoonstelling J.M. Cameron: 15/03/’15.